Hoornvlies (cornea)
De cornea, ofwel het hoornvlies, vormt het transparante voorste gedeelte van de oogbol en zorgt ervoor dat lichtbeelden het oog kunnen binnendringen.
Dit vlies bestaat uit drie hoofdlagen — het epitheel, het stroma en het endotheel — aangevuld met enkele tussenliggende laagjes. De buitenste laag, het epitheel, telt zo'n vijf cellagen en fungeert als beschermende barrière tegen de buitenwereld, waarbij enkel de traanfilm ertussen zit.
Hoewel deze laag erg gevoelig is voor beschadigingen, beschikt ze over een opmerkelijk herstelvermogen. Het stroma vormt de dikste van de drie lagen, terwijl het endotheel aan de binnenzijde slechts uit één enkele cellaag bestaat. Ondanks die geringe dikte speelt het endotheel een cruciale rol bij het helder houden van het hoornvlies.
Aandoeningen van het hoornvlies
Keratitis: ontsteking van het hoornvlies
Keratitis is een ontsteking van het hoornvlies, veroorzaakt door bacteriën, virussen, schimmels of parasieten. De kans hierop neemt toe na een verwonding van het hoornvlies, bij het dragen van contactlenzen en bij personen met droge ogen of een verzwakte immuunafweer.
Symptomen
Kenmerkend voor keratitis zijn plotse roodheid van het oog, hevige pijn, tranenvloed en overgevoeligheid voor licht. Ook het gezichtsvermogen gaat er vaak op achteruit. Omdat onbehandelde keratitis kan resulteren in blijvend zichtverlies, gaat het om een echte oogheelkundige spoedsituatie.
Diagnose
Om keratitis vast te stellen, onderzoekt de oogarts het oog met een spleetlamp. Vaak wordt hierbij ook een uitstrijkje van de slijmvliezen genomen of een schraapsel van het hoornvlies afgenomen, dat vervolgens in het labo wordt geanalyseerd. Draagt de patiënt contactlenzen, dan probeert men eveneens een kweek te maken van de lens zelf of van het bewaarbakje. Zo kan achterhaald worden welke ziekteverwekker verantwoordelijk is en welke behandeling het meest doeltreffend zal zijn.
Behandeling
Welke behandeling wordt ingezet, is afhankelijk van de oorzaak en de ernst van de infectie. Meestal bestaat deze uit het (erg) regelmatig toedienen van oogdruppels — denk aan antibiotica, antivirale of antischimmelmiddelen, cortisone of kunsttranen. In zwaardere gevallen kan opname in het ziekenhuis aangewezen zijn. Wanneer de keratitis een litteken achterlaat dat het zicht hindert, of wanneer er gevaar dreigt voor een doorboring van het hoornvlies, kan een operatieve ingreep noodzakelijk blijken.
Fuchs endotheel dystrofie
Fuchs endotheel dystrofie is een erfelijke hoornvliesaandoening, gekenmerkt door een geleidelijk afsterven van de endotheelcellen die instaan voor de vochtregulatie in het hoornvlies. Naarmate deze cellen achteruitgaan, houdt het hoornvlies meer vocht vast en zwelt het op, waardoor het zicht stilaan waziger wordt — aanvankelijk meestal enkel in de ochtenduren, maar later de hele dag door. Daarnaast kunnen patiënten last krijgen van een verhoogde lichtgevoeligheid, schitteringen en halo's rond lichtbronnen, en uiteindelijk ook irritatie of pijn.
Diagnose
Fuchs endotheel dystrofie wordt vastgesteld via klinisch onderzoek met de spleetlamp, aangevuld met speculaire microscopie. Dit laatste onderzoek brengt de conditie van de endotheelcellen in kaart, zowel wat betreft hun dichtheid als hun vorm. Daarnaast kan gespecialiseerde beeldvorming via topografie ingezet worden om de evolutie van de aandoening op te volgen. Hoe snel de ziekte vordert, verschilt sterk van patiënt tot patiënt.
Behandeling
Fuchs dystrofie is momenteel niet te genezen, maar de voortgang ervan kan wel afgeremd worden en de klachten kunnen verlicht worden — bijvoorbeeld met druppels, zalf of contactlenzen. Wordt de aandoening ernstiger en worden de klachten te hinderlijk, dan kan uiteindelijk een hoornvliestransplantatie nodig zijn.
Keratoconus
Keratoconus is een progressieve, degeneratieve aandoening van het hoornvlies waarbij dit weefsel steeds dunner wordt en zich hierdoor kegelvormig naar voren gaat welven. Dit leidt tot een langzaam toenemende bijziendheid (myopie) en een onregelmatige vervorming van het hoornvlies, ook wel astigmatisme genoemd, met een geleidelijke achteruitgang van het gezichtsvermogen tot gevolg.
De precieze oorzaak is tot op heden onbekend, al bestaan er wel gekende verbanden met onder meer het syndroom van Down en allergische aandoeningen. Ook veelvuldig oogwrijven zou een rol kunnen spelen bij het ontstaan of verergeren van keratoconus. De aandoening manifesteert zich doorgaans tijdens de puberteit en treft meestal beide ogen, zij het vaak in ongelijke mate. De evolutie verloopt typisch traag over een periode van meerdere jaren en stabiliseert in de meeste gevallen na het 35e levensjaar.
Ondanks een aanzienlijke verdunning van het hoornvlies bestaat er geen gevaar op perforatie. Er kan zich echter wel een zogenaamde hydrops voordoen: een plotse waas in het hoornvlies veroorzaakt door vochtophoping, wat resulteert in een acute en sterke visusdaling die vaak gepaard gaat met pijn.
Diagnose
De diagnose wordt gesteld aan de hand van een klinisch onderzoek met de spleetlamp en nadien bevestigd via gespecialiseerde beeldvormingstechnieken, met name corneale topografie.
Behandeling
In een vroeg stadium kan het gezichtsvermogen nog gecorrigeerd worden met een bril of zachte contactlenzen. Naarmate het astigmatisme onregelmatiger wordt, biedt enkel het gebruik van speciale, vormstabiele harde of sclerale contactlenzen nog voldoende visuele correctie.
Bij een aantoonbare progressie van de keratoconus wordt een behandeling met corneale crosslinking (CXL) voorgesteld. Hierbij wordt het hoornvlies verstevigd door blootstelling aan riboflavine (vitamine B2) in combinatie met UV-licht. Deze ingreep remt of stopt de verdere achteruitgang van het hoornvlies. Dankzij de combinatie van CXL en harde contactlenzen kunnen de meeste patiënten met keratoconus goed blijven functioneren.
Wanneer contactlenzen niet langer voldoende resultaat bieden of niet meer verdragen worden, bestaan er verschillende chirurgische opties. Bij een stabiele myopie en astigmatisme kan het plaatsen van een refractieve implantlens (ICL) het zicht verbeteren. Daarnaast kunnen halvemaanvormige intracorneale ringsegmenten worden ingebracht om het hoornvlies opnieuw af te vlakken.
In een vergevorderd stadium van keratoconus blijft een hoornvliestransplantatie de enige overblijvende behandelingsoptie om het zicht te herstellen. Dit kan gebeuren via een diepe voorste lamellaire hoornvliestransplantatie (DALK) of via een volledige, penetrerende hoornvliestransplantatie.
Pterygium
Een pterygium is een goedaardige, oppervlakkige woekering van het bindvlies (conjunctiva) die start aan de rand van het hoornvlies en van daaruit langzaam over het hoornvlies heen groeit.
Symptomen
Deze aandoening treedt vaker op bij personen die regelmatig buiten werken of sporten, kampen met droge ogen, of langdurig blootgesteld worden aan zonlicht en UV-straling. Niet iedereen ervaart klachten, maar bij sommige mensen leidt een pterygium na verloop van tijd tot oogirritatie, een branderig gevoel of een vermindering van het gezichtsvermogen wanneer het te dicht bij de pupil groeit.
Diagnose
Een oogarts stelt de diagnose meestal vlot via een onderzoek met de spleetlamp, waarbij het hoornvlies en bindvlies onder vergroting worden bekeken.
Behandeling
In een vroeg stadium volstaat vaak een conservatieve aanpak: het gebruik van kunsttranen ter bevochtiging en het dragen van een zonnebril ter bescherming tegen UV-licht, wat de groei van het pterygium kan afremmen.
Wanneer de aandoening verder gevorderd is, wordt een chirurgische ingreep aanbevolen. Deze operatie gebeurt onder plaatselijke verdoving: het pterygium wordt weggenomen, waarna het onderliggende gebied wordt bedekt met een stukje eigen bindvlies (een conjunctivagreffe). Deze bedekking is essentieel, aangezien het risico op terugkeer van het pterygium anders aanzienlijk hoger ligt.
De hechtingen die hierbij gebruikt worden, kunnen aanvankelijk wat irritatie geven, maar lossen vanzelf op na verloop van tijd. Om een goede genezing te garanderen, wordt na de ingreep meestal nog een behandeling met cortisonedruppels en antibiotische oogdruppels voorgeschreven.